Evra: zo werkt de anticonceptiepleister
Evra is een pleister met de hormonen ethinylestradiol en norelgestromin die bedoeld is om een zwangerschap te voorkomen. U plakt drie weken lang elke week een nieuwe pleister en heeft daarna een week zonder pleister. Net als bij de combinatiepil is er een verhoogd risico op trombose; de pleister is een middel op recept dat u gebruikt onder begeleiding van een arts. Lees verder over het gebruik, over wat u doet als hij loslaat of als u te laat bent, en voor wie hij minder geschikt is.
Wat de pleister bevat en voor wie die bedoeld is
Elke pleister van 20 cm² bevat 6 mg norelgestromin en 600 microgram ethinylestradiol en geeft via de huid per 24 uur gemiddeld 203 microgram norelgestromin en 33,9 microgram ethinylestradiol af. De twee hormonen remmen vooral de eisprong; daarnaast veranderen het slijm in de baarmoederhals en het baarmoederslijmvlies.
In het register van het CBG is Evra de enige anticonceptiepleister, met de status UR, uitsluitend recept. Veiligheid en werking zijn vastgesteld bij vrouwen van 18 tot 45 jaar; na de overgang is de pleister niet bedoeld. Wilt u liever geen pleister, dan is er ook een anticonceptiering die eveneens een oestrogeen en een progestageen bevat.
Zo plakt en wisselt u de pleister
De productinformatie beschrijft het gebruik nauwkeurig. Dit zijn de belangrijkste punten.
- Begin op de eerste dag van de menstruatie met één pleister. Begint u later in de cyclus, gebruik dan de eerste 7 dagen ook een condoom.
- Vervang de pleister elke week op dezelfde dag, uw vaste wisseldag: op dag 8 en dag 15 van de cyclus.
- Van dag 22 tot en met dag 28 draagt u geen pleister; in die week krijgt u meestal een bloeding. De dag daarna plakt u een nieuwe pleister, ook als u dan nog bloedt. Laat nooit meer dan 7 dagen achter elkaar zonder pleister voorbijgaan.
- Plak de pleister op schone, droge, onbehaarde en gezonde huid van de billen, de buik, de buitenkant van de bovenarm of het bovenlichaam, waar strakke kleding er niet langs schuurt. Niet op de borsten en niet op rode, geïrriteerde of beschadigde huid.
- Kies elke week een andere plek, druk de pleister stevig aan tot de randen vastzitten en gebruik op die plek geen crème, lotion, poeder of make-up.
- Controleer elke dag of de pleister nog vastzit. Knip of beschadig hem niet en draag er nooit meer dan één tegelijk.
Overstappen van een andere methode
Stapt u over van een combinatiepil, dan plakt u de eerste pleister op de eerste dag van de onttrekkingsbloeding; begint u later, dan gebruikt u 7 dagen ook een condoom. Zijn er meer dan 7 dagen verstreken sinds de laatste pil met hormoon, dan raadt de productinformatie aan eerst een arts te raadplegen.
Van een pil met alleen een progestageen kunt u op elke dag overstappen, met de eerste 7 dagen een extra barrièremethode. Na een miskraam of abortus in de eerste 20 weken kunt u meteen beginnen. Geeft u na een bevalling geen borstvoeding, dan begint u niet eerder dan 4 weken erna.
Als de pleister loslaat of als u te laat wisselt
Een pleister die loslaat, geeft te weinig hormoon af; wat u dan doet, hangt af van hoe lang dat al zo is. Twijfelt u, vraag het dan de apotheker of de huisarts. Had u seks in een periode waarin u mogelijk niet beschermd was, lees dan over de morning-afterpil.
| Situatie | Wat de productinformatie adviseert |
|---|---|
| Pleister (deels) los, korter dan 24 uur | Opnieuw opplakken op dezelfde plek of een nieuwe plakken; geen extra anticonceptie nodig, de wisseldag blijft gelijk |
| Pleister 24 uur of langer los, of u weet niet hoe lang | Huidige cyclus stoppen en een nieuwe pleister plakken: dat wordt uw nieuwe dag 1 en wisseldag; de eerste 7 dagen ook een condoom |
| Eerste pleister van een nieuwe cyclus te laat | Plakken zodra u eraan denkt; nieuwe dag 1 en wisseldag; de eerste 7 dagen ook een condoom. Seks in de verlengde week zonder pleister kan tot een zwangerschap leiden |
| Wisseldag in week 2 of 3 gemist, maximaal 48 uur | Zo snel mogelijk een nieuwe pleister plakken, de volgende op de gewone wisseldag; geen extra anticonceptie als de pleister de 7 dagen ervoor goed zat |
| Wisseldag in week 2 of 3 gemist, meer dan 48 uur | Cyclus stoppen en een nieuwe cyclus van vier weken beginnen met een nieuwe pleister; de eerste 7 dagen ook een condoom |
| Pleister op dag 22 niet verwijderd | Zo snel mogelijk verwijderen; de volgende cyclus begint op de gewone wisseldag, zonder extra anticonceptie |
Het risico op trombose bij de pleister
Elk combinatiepreparaat met een oestrogeen en een progestageen verhoogt het risico op een bloedstolsel in een ader, vergeleken met geen gebruik. Volgens de productinformatie geven producten met levonorgestrel, norgestimaat of norethisteron het laagste risico, zoals de combinatiepil met levonorgestrel; bij de pleister kan het risico tot twee keer zo hoog zijn. Er is volgens dezelfde informatie geen klinisch bewijs dat een pleister in enig opzicht veiliger is dan een combinatiepil.
Het risico is het hoogst in het eerste gebruiksjaar en kan opnieuw stijgen als u na een onderbreking van minstens 4 weken weer begint. Een trombose loopt bij 1 tot 2 procent van de getroffen vrouwen dodelijk af. Het risico kan flink toenemen bij een BMI boven 30, langdurige immobilisatie, trombose bij een broer, zus of ouder op jonge leeftijd en met het ouder worden, vooral boven de 35.
Ook het risico op een hartinfarct of beroerte is verhoogd, vooral bij roken, hoge bloeddruk, overgewicht, migraine en het ouder worden. Rookt u en bent u ouder dan 35, dan raadt de productinformatie u met nadruk aan over te stappen op een andere methode. Voor een geplande operatie wordt aangeraden de pleister ten minste vier weken vooraf te stoppen.
| Groep | Geschat aantal trombosegevallen per 10.000 vrouwen per jaar |
|---|---|
| Geen combinatiepreparaat en niet zwanger | ongeveer 2 |
| Combinatiepreparaat met levonorgestrel | ongeveer 5 tot 7 |
| Pleister met norelgestromin | ongeveer 6 tot 12 |
Signalen van een bloedstolsel
Heeft u een van de volgende verschijnselen, zoek dan met spoed medische hulp en vertel dat u de pleister gebruikt. Bij levensgevaar belt u 112.
- Pijn of zwelling van één been, vooral met een warme, rode of verkleurde huid.
- Plotselinge kortademigheid of snelle ademhaling, plotseling hoesten, soms met bloed, of scherpe pijn op de borst.
- Plotselinge zwakte of een doof gevoel in gezicht, arm of been aan één kant, plotseling slecht praten of zien, of plotseling hevige hoofdpijn zonder duidelijke oorzaak.
- Een drukkend of beklemmend gevoel op de borst, eventueel uitstralend naar arm, kaak, keel of rug, samen met zweten, misselijkheid of kortademigheid.
Bloeddruk en onderzoek vóór de eerste pleister
Volgens de productinformatie moet vóór de start, en ook bij hervatten na een onderbreking, een volledige medische voorgeschiedenis worden afgenomen, inclusief die van uw familie, en moet een zwangerschap worden uitgesloten. Ook moet de bloeddruk worden gemeten en moet een lichamelijk onderzoek worden uitgevoerd, gericht op de contra-indicaties en waarschuwingen. Blijft de bloeddruk ondanks behandeling te hoog, dan wordt met de pleister gestopt.
Bij een beoordeling op afstand wordt uw bloeddruk niet gemeten en wordt u niet lichamelijk onderzocht; de vragenlijst is dat onderzoek niet. De arts kan u om een actuele bloeddrukmeting vragen, u naar uw huisarts verwijzen of de aanvraag afwijzen.
Wanneer de pleister niet gebruikt mag worden
Volgens de productinformatie gebruikt u de pleister niet, of stopt u er meteen mee, bij:
- een trombose in een ader, nu of vroeger (zoals diepe veneuze trombose of longembolie), een erfelijke aanleg daarvoor zoals factor V Leiden, of een grote operatie waarna u lang moet liggen;
- een bestaand of doorgemaakt hartinfarct, angina pectoris, een beroerte of een TIA, of een bekende aanleg voor arteriële trombose;
- migraine met aura, dus met focale neurologische symptomen;
- een hoog risico door meerdere risicofactoren tegelijk, of een ernstige risicofactor zoals diabetes met vaatschade, ernstig verhoogde bloeddruk of een ernstige vetstofwisselingsstoornis;
- (een vermoeden van) borstkanker, baarmoederslijmvlieskanker of een andere tumor die gevoelig is voor oestrogeen;
- een leverziekte met een verstoorde leverfunctie, een levertumor, of onverklaard vaginaal bloedverlies;
- gebruik van bepaalde middelen tegen hepatitis C: ombitasvir/paritaprevir/ritonavir met dasabuvir, glecaprevir/pibrentasvir of sofosbuvir/velpatasvir/voxilaprevir;
- overgevoeligheid voor een van de bestanddelen.
Een gewicht van 90 kilo of meer
De productinformatie waarschuwt dat de pleister mogelijk minder goed beschermt bij vrouwen die 90 kg of meer wegen. In de registratieonderzoeken vonden 5 van de 15 zwangerschappen plaats bij vrouwen van 90 kg of meer, terwijl die groep minder dan 3 procent van de deelneemsters vormde. Weegt u 90 kg of meer, bespreek dan met de arts welke methode bij u past.
Bijwerkingen en huidreacties
In onderzoeken waren hoofdpijn (ongeveer 21 procent), misselijkheid (16,6 procent) en gevoelige borsten (15,9 procent) de meest gemelde bijwerkingen. Spotting, gevoelige borsten en misselijkheid komen vooral in het begin voor en nemen meestal af na de eerste drie cycli. Vaak gemeld zijn verder roodheid, irritatie en jeuk op de plek van de pleister, en onder meer stemmingsklachten, migraine, buikpijn, acne, vaginale schimmelinfecties en gewichtstoename.
Bij lichte irritatie mag u volgens de productinformatie een nieuwe pleister op een andere plek plakken, die dan tot de volgende wisseldag blijft zitten. Hormonale anticonceptie kan een sombere stemming of een depressie veroorzaken. Een depressie kan ernstig worden en vergroot het risico op suïcidaal gedrag; merkt u dat uw stemming verandert of dat u somber wordt, ook in de eerste weken, bespreek dat dan met een arts.
Denkt u aan zelfdoding? Bel 24/7 gratis en anoniem 113 of chat via 113.nl. Bij levensgevaar: bel 112.
Medicijnen die de pleister minder betrouwbaar maken
Sommige medicijnen versnellen de afbraak van de hormonen en kunnen de pleister minder betrouwbaar maken, zoals carbamazepine, fenytoïne, primidon en andere barbituraten, rifampicine, bosentan, modafinil, de hiv-middelen ritonavir, nevirapine en efavirenz, en mogelijk ook topiramaat, oxcarbazepine, griseofulvine, felbamaat en sint-janskruid. Bij een korte behandeling gebruikt u tijdens de kuur en tot 28 dagen erna ook een condoom; bij langdurig gebruik wordt een niet-hormonale methode aangeraden.
Omgekeerd kunnen combinatiepreparaten de bloedspiegel van lamotrigine verlagen en die van bijvoorbeeld ciclosporine verhogen. Noem daarom al uw medicijnen, ook zelfzorgmiddelen en kruidenmiddelen, bij de arts en de apotheker.
Bij zwangerschap en borstvoeding
De pleister is niet bedoeld voor gebruik tijdens de zwangerschap; wordt u zwanger, dan stopt u meteen. Combinatiepreparaten kunnen de hoeveelheid en de samenstelling van de moedermelk veranderen. Daarom wordt de pleister pas aanbevolen als u helemaal gestopt bent met borstvoeding.
Beginnen of doorgaan met de pleister via een aanvraag
Via deze website kunt u een aanvraag doen voor anticonceptie op medisch recept, ook voor de pleister. Bij de aanvraag beantwoordt u een medische vragenlijst; daarin vermeldt u ook welke medicijnen u nu gebruikt. Uw antwoorden worden beoordeeld door Damian Wojno, arts ingeschreven in Polen (PWZ-nummer 3211301). Heeft de arts vragen, dan stelt hij die schriftelijk in de chat in uw account. Er is geen videoconsult en geen telefonisch contact.
In de chat kan de arts ook om een medicatieoverzicht van uw apotheek vragen. Wordt de aanvraag goedgekeurd, dan ontvangt u het recept als pdf per e-mail. Of het medicijn wordt meegegeven, beslist de apotheker. Thuisarts adviseert drie maanden na de start met de huisarts te bespreken hoe het gaat.
Wat kost het?
Het tarief voor de beoordeling staat vermeld op de aanvraagknop. U betaalt deze beoordeling zelf; wij declareren niet bij uw zorgverzekeraar. Of het medicijn wordt vergoed, hangt af van het medicijn en van uw zorgverzekering. Vraag het uw apotheek of zorgverzekeraar.
Kan ik met de pleister douchen, in bad gaan, sporten of naar de sauna?
Ja. Volgens de bijsluiter horen baden, douchen, de sauna en sporten de werking van de pleister niet te beïnvloeden; de pleister is ontworpen om dan te blijven zitten. Kijk na zulke activiteiten wel even of hij nog goed vastzit.
Kan ik een losgeraakte pleister vastzetten met tape?
Nee. Volgens de productinformatie gebruikt u geen tape of verband om een pleister op zijn plaats te houden. Plakt hij niet meer, dan plakt u een nieuwe. Of u daarnaast een condoom nodig heeft, hangt af van hoe lang de pleister los zat; in de tabel hierboven ziet u wat bij korter of langer dan 24 uur geldt.
Kan ik met de pleister mijn menstruatie uitstellen?
Ja. Volgens de productinformatie stelt u een menstruatie één cyclus uit door op dag 22 meteen een nieuwe pleister te plakken en de week zonder pleister over te slaan. Er kan dan doorbraakbloeding of spotting optreden. Na zes weken achter elkaar een pleister volgt een week van 7 dagen zonder pleister, waarna u het gewone schema hervat. De bijsluiter raadt aan dit eerst met uw arts te bespreken.
Beschermt de anticonceptiepleister tegen soa?
Nee. De pleister biedt geen bescherming tegen hiv of andere seksueel overdraagbare aandoeningen. Gebruik daarvoor een condoom; Thuisarts adviseert dat bij een nieuwe partner ten minste 3 maanden te doen.
Hoe snel kan ik zwanger worden na het stoppen met de pleister?
U kunt op elk moment stoppen. Volgens Thuisarts kunt u daarna meestal snel zwanger worden; de productinformatie vermeldt dat het bij sommige vrouwen nog enige tijd kan duren voordat een zwangerschap ontstaat.
Geeft een Nederlandse apotheek de pleister mee op een recept uit een ander EU-land?
Dat is mogelijk als het recept de vereiste gegevens bevat, maar de apotheker beslist zelf: bij twijfel over echtheid, inhoud of begrijpelijkheid mag hij weigeren. Informeer daarom vooraf bij de apotheek waar u het recept wilt inleveren. Of het medicijn wordt meegegeven, beslist de apotheker.